Onderzoek CIRO bij patiënten met ernstig chronisch orgaanfalen wijst uit: ‘Wel of niet reanimeren: wens kan plots veranderen’

Chronisch ernstig zieke patiënten zouden regelmatig de vraag moeten krijgen of ze in een acute, levensbedreigende situatie wel beademd of gereanimeerd willen worden. Omdat die voorkeur tijdens hun ziekte plotseling kan veranderen, bestaat namelijk het risico dat de zorg in de laatste levensfase in strijd is met hun persoonlijke wens. 

Het is de belangrijkste conclusie van een onderzoek van CIRO onder ruim 200 patiënten met een vergevorderd stadium van COPD (chronische bronchitis en longemfyseem), hartfalen of nierfalen. Klinisch onderzoeker Daisy Janssenpresenteerde haar bevindingen 26 september in Amsterdam tijdens het longcongres van de European Respiratory Society (ERS). Haar onderzoek richtte zich op chronisch ernstig zieke doch stabiele patiënten van zeven ziekenhuizen in Limburg en Zuid-Oost-Brabant. In een jaar tijd kregen zij thuis vier maal de vraag voorgelegd of hun behandelend arts in geval van acute levensnood levensverlengende handelingen mag verrichten. Ook werd gekeken of er tussentijds iets in hun situatie veranderde. Denk hierbij aan een verslechtering van de gezondheid, verminderde mobiliteit, symptomen van angst of depressie, of het overlijden van de partner.

Mede onder invloed van deze factoren veranderde maar liefst 38 procent van de patiënten tijdens het onderzoek zijn voorkeur. “Die verandering gaat overigens beide kanten op. Iemand die eerst niet gereanimeerd of beademd wil worden, wil dat ineens wel. En andersom komt hetzelfde voor. De voorkeuren van patiënten zijn enorm complex. Juist daarom is het voor artsen zo belangrijk om zich goed te verdiepen in de achtergronden van een patiënt”, zegt onderzoekerDaisy Janssen, tevens specialist ouderengeneeskunde.

De wensen van ernstig zieke patiënten rond levensverlengende behandelingen worden nu nog vaak onvoldoende bespreekbaar gemaakt. Eenmaal uitgesproken, gaan artsen er vaak van uit dat de voorkeur definitief is. Het onderzoek van CIRO toont aan hoe belangrijk het is dit onderwerp regelmatig te bespreken; sowieso wanneer er in de situatie van de patiënt iets wezenlijks verandert.Daisy Janssen: “Als je iemands voorkeuren voor behandeling in de laatste levensfase niet tijdig bespreekbaar maakt, loop je het risico dat je geen kans meer hebt om ze te bespreken als een patiënt plotseling achteruit gaat.”

Toekomstige onderzoeken zouden zich volgens haar dan ook moeten richten op de communicatie tussen arts en patiënt. “We moeten bekijken welke vaardigheden nodig zijn om de voorkeuren te bespreken en hoe je artsen en verpleegkundigen kunt trainen om de zorg in de laatste levensfase te verbeteren en goed af te stemmen op de wens van de patiënt.”     

CIRO is hét expertisecentrum voor chronisch orgaanfalen in Zuid-Nederland. Gespecialiseerd in de diagnose en behandeling van patiënten met longfalen, hartfalen en slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen. In het Midden-Limburgse Hornerheide wordt alle kennis op dit gebied gebundeld. Nieuwe behandelprogramma’s worden ontwikkeld en permanent verbeterd zodat ze naadloos aansluiten bij de specifieke behoefte van de patiënt.

Indien u wilt reageren kunt u een e-mail sturen naar daisyjanssen@ciro-horn.nl of martijnspruit@ciro-horn.nl

 

 

« Terug naar het nieuwsoverzicht